"Een gek is niet iemand die zijn verstand verloren heeft, een gek is iemand die alles verloren heeft behalve zijn verstand."   -   G.K. Chesterton
Koopmansgeest versus koopmansgeestjes

maandag 25 januari 2010 21:16 door Tom Zwitser

Nog geen maand geleden was heel Nederland zogenaamd in de ban van het goede doel op de Grote Markt van Groningen: het glazen huis. Vanuit de hele provincie organiseerde men voettochten naar de Grote Markt ten behoeve van het Heilige Doel. Vanuit het hele land luisterde men verplicht naar Giel Debiel die zich zes dagen van eten onthield om zes dagen in het centrum van de belangstelling te staan. Mensen konden die belangstelling direct in een gift aan het Rode Kruis omzetten, maar de belangstelling zelf is natuurlijk onbetaalbaar. Iedere radioverslaafde bedacht wel iets om zichzelf solidair te verklaren met de glazen huizeniers op de Grote Markt. Een maand en een wereldramp later staat er opnieuw een collega van hem in het centrum van de belangstelling en deze schreeuwt de Nederlandse bevolking op één avond naar een nationale donatie van 41 miljoen Euro aan Haïti. Ter vergelijking: zes dagen glazen huis bracht slechts zeven miljoen Euro op, maar in tijd gemeten gaf dit tientallen keren meer Giel-exposure. Allé, het is voor het goede doel en dus mag er aan de intenties van Debiel niet getornd worden.

Simon Roozendaal van weekblad Elsevier deed dat echter wel. Hij zocht uit wat het Rode Kruis nu precies met die zes of zeven miljoen aan malariabestrijding ging doen en ontdekte tot zijn verbijstering: klamboe’s kopen voor negers zodat ze minder gestoken worden door malariamuggen. Uiteindelijk was dit het einddoel van de roemruchte strijd tegen malaria. Blijkbaar gaat het Rode Kruis ervan uit dat negers de hele dag in een klamboe door Afrika lopen zodat ze niet gestoken worden: ze werken in een klamboe, ze koken in een klamboe, ze eten, toilleteren en wassen zich in een klamboe. Want dan worden ze niet gestoken. Maar negers zijn net mensen; ze slapen slechts in een klamboe en de rest van de tijd talen ze er niet naar. Kortom; slechts een of ander nieuw medicijn, gratis aan Afrika ter beschikking gesteld door Bill Gates en de farmaceutische industrie, is bewezen effectief in de strijd tegen malaria. Het Rode Kruis weet dit en Gieltje Debieltje weet dit, maar het zal hen verder worst wezen. Ze vernielen liever de locale klamboe-industrie door gratis klamboe’s uit Europese bedrijven in Afrika te dumpen zodat er nog meer mensen – locale werknemers en werkgevers – afhankelijk worden van westerse noodhulp omdat die westerse noodhulp hun werk omzeep helpt. Daarop volgt dan in het Westen weer een inzamelingsactie om de arme Afrikanen aan eten te helpen zodat ook de locale voedselindustrie om zeep geholpen kan worden.

De westerse omzeephulp is echter zo grenzeloos dat ze met de grootste liefde zelfs mensen omzeep helpt. Voor de camera’s van de NOS en andere televisiezenders zien we in Haïti open en bloot complete veldslagen uitgevochten worden tussen mensen die eten krijgen van voedselprogramma’s en legertjes van de zwarthandelsyndicaten die dat direct in beslag komen nemen. Logisch natuurlijk want al die gratis noodhulp frustreren de prijzen op de zwarte markt – waarschijnlijk de enige locale economie. Zij moeten het eten dus wel confisceren bij de mensen die het gratis hebben gekregen, want voor niets gaat de zon op. Dat minimaal 50% van de gratis goederen op de zwarte markt beland is een gegeven, maar gaat waarschijnlijk richting de negentig procent. Heel begrijpelijk want welke handel op Haïti was en is niet grijs tot zwart? Kent dat land wel een niet-zwarte handel? Westerlingen zijn zeer bedreven om deze locale economie te kelen met heel veel geld van u en u en u. En wanneer u en u en u niet willen doneren charteren ze wel een wetenschapper die u recht in uw gezicht vertelt dat niet-geven een zonde is.

Iedere gratis goede bedoeling van een westerling is goud waard op de markten van Port au Prince. Iedere goede bedoeling lokt dus opnieuw een veldslag uit waarbij men er niet voor terug deinst om elkaar te vermoorden. In mijn vorige posting over Haïti heb ik gewaarschuwd voor het feit dat iedere westerse Euro een donatie is aan corrupte machthebbers of corrupte machtigen achter de schermen van dat land en dat de hongerige massa’s daardoor alleen maar armer en afhankelijker worden. Kiezen we ervoor om mensen zogenaamd van de hongerdood te redden met gratis voedsel en versterken en passant het slechte leiderschap van de elite die enkel en alleen een wil tot macht kent, of doen we helemaal niks en zoeken ze het maar uit?

Ik denk dat dit een vals dilemma is, want er bestaat geen dilemma. Wie wij van de hongersdood willen redden moet zichzelf eerst van vele belagers zien te redden, want wie voedsel van ons krijgt, wordt daarvan beroofd op straat. U doneert niet alleen uw eigen geld, maar met uw belastinggeld wordt uw eigen gift verdubbeld en was bovendien al andere gouvernementele hulp verleend met geld dat nog niet gedoneerd was. De staat verschuilt zich dus achter uw barmhartigheid, maar had zonder uw barmhartigheid ook wel zijn mondje geroerd. Westerse regeringen kopen zo met uw gedoneerde geld een plaatsje op de eerste rij als het gaat om de verdeling van de wederopbouw na de noodhulp. Hillery Clinton was daar nog niet geland toen ze al verklaarde aan Haïti dat de VS een vriend en partner is. Pas na een lange pauze verklaarde ze ook nog even dat de VS Haïti steunt. Vriend en partner zeker; maar zakenpartner wel te verstaan. Belangeloze steun is iets wat men graag sugereert, maar wat gelukkig ook niet bestaat. Het gaat er echter om welke belangen zich achter het gezicht van de belangeloosheid verbergen. Dat zeer grote belangen zich als volstrekte belangeloosheid voordoen geeft an sich al te denken. Voor echte goedheid moet je dus lang zoeken en dan nog is het een grote gok of gepretendeerde goedheid ook in goede daden omgezet kunnen worden.

Politici doen hun best om zich in het land in te kopen in de hoop op vette contracten: puin ruimen, wijken opbouwen, toeristencentra opzetten die mee kunnen draaien in de global economy. Dat moet noodzakelijkerwijs gepaard gaan met het vernietigen van heel veel locale economie die van geen enkele waarde is voor de wereldeconomie, zoals ik in mijn vorige posting schreef. De wereld doneert alleen wanneer de wereld er daarna iets voor terug krijgt.

Het dilemma bestaat ook niet omdat mensen in Haïti precies datgene doen wat wij ze eeuwen geleden al geleerd hebben. Het Holland van de zestiende eeuw werd geregeerd door de koopmansklasse die hun graan in de pakhuizen opsloegen om de marktprijs op te drijven, ongeacht of daar een hongersnood uit voort komt of niet. En die waren er regelmatig. Zoals bijvoorbeeld de hongersnood van 1566. Er lag graan genoeg in de pakhuizen, maar mensen hadden te weinig geld om het te kopen, juist omdat het niet verkocht werd. Zo werd prijs hoger en hoger en had het volk nog minder de mogelijkheid om het te kopen. Deze kunstmatige, relatief korte, hongersnood uit 1566 is in het Haïti van voor de aardbeving een permanente toestand.

Wanneer er in het jaar 1566 een Chinese vloot op de Hollande kusten zou zijn geland vol geladen met graan dat gratis werd uitgedeeld, hadden de kooplieden deze vloot van de kust weggeschoten, of, indien dat niet mogelijk was, hadden ze het gratis eten bij het hongerige volk weggehaald om het bij hun enorme voedselvoorraden te voegen die ze al hadden. Voor niets gaat de zon op en van de wind kan een land niet groot worden; daarentegen wel van rampen en noden. Er is niets dat zozeer een motor voor de groei van een land is als grote rampen en noden, al dan niet kunstmatig in scene gezet.

Iets soortgelijks was en is nog steeds in Haïti gaande. De kunstmatige hongersnood is daar opgevolgd door een natuurramp. Het was een van de rijkste koloniën van Frankrijk voordat ze in 1803 de onafhankelijkheid uitriepen. De algemene rijkdom en gemiddelde welvaart is niet verdwenen zonder dat een kleine groep mensen daar beter van werd. Heel veel mensen werden er daarentegen slechter van. Ergens moeten de kapitale reserves van het land bewaard worden of naar zijn weggesluisd, waardoor de voedselprijzen op de zwarte, grijze en witte markten op peil blijven en belangrijker; zodat het volk armer en armer werd. Zaken gratis weggeven druist dus aan alle kanten in tegen de gevestigde economische belangen en de gevolgen daarvan zijn de ontelbare veldslagen bij voedseluitdeelpunten in de straten van Port au Prince. De locale koophandel strijdt daar in feite met de westerse koophandel. Of de doden nu door de honger of door de veldslagen vallen; ze zullen vallen. Wat belangrijker is, is de vraag wie er daarnaast van uw donaties echt beter van worden; wie precies er het meeste van profiteren.

Het frappante van  goededoelenacties is dat het de stichtingen en hun ‘ambassadeurs’ totaal onverschillig laat of ze met hun goedheid nu de locale economie ten kwade of iets minder ten kwade vernietigen. Het belangrijkste is dat de locale economie kapot gaat en dat de bekende nederlanders en daaraan verbonden stichtingen (die mensen aan het werk moeten houden), geinteresseerd zijn in aandacht met het gezicht van het volstrekt goede. Dat dit goede niet volstrekt goed is, toont Giel Debiel hoogstpersoonlijk zelf wel aan. Het is namelijk altijd het kwade dat zich het nadrukkelijkste met de gezichten van het goede vertoont; het zijn de belangen die zich graag als belangeloosheid voordoen. Het goede zelf doet dat niet. Echte belangen hebben namelijk alleen zichzelf als belang en hoeven zich niet anders voor te doen. Dat er aan het eind van het zelfverheerlijkingsproces iets of niets overschiet voor een arme drommel, doet niets af aan het feit dat het profijt tijdens het proces voor heel veel mensen veel groter is dan voor degenen die helemaal aan het begin en aan het eind staan: namelijk u als donateur en belastingebetaler en de arme drommel in Haïti.

De kooplui van toen zijn vervangen door de goededoelenorganisaties van nu die hun marktwaarde op peil houden met bekende nederlanders en het gezicht van het absoluut goede. Deze handelaars in goede doelen zijn verbonden aan de projectontwikkelaars die het echte grote geld gaan verdienen wanneer de goede doelen de locale economietjes vernietigd hebben. Want wat zijn de locale koopmannetjes en de locale belangetjes nu in vergelijking met de westerse global economy belangen?

   
categorieconservatisme |  economie |  politiek |  taghaiti