Vandaag werd bekend dat de EU en het IMF 720 miljard euro ter beschikking stellen om lidstaten in de penarie bij te staan. Er was immers niks aan de hand, behalve in Griekenland dan. In Spanje en Portugal is geen vuiltje aan de lucht. Dit bedrag is enkel bedoeld om de markten gerust te stellen. Ik kan nu al beter slapen. Goed, ik ben geen econoom, dus ik zeg verder maar niets over de implicaties van dit besluit.
Deze episode deed mij wel bewust worden van iets wat ik al veel eerder had kunnen inzien. Het contrast tussen de door (links)liberalen gewilde Europese eenheidsstaat en een veel minder pretentieuze economische unie is illusoir. De quasisceptische claim van sommige partijen dat ze ‘enkel’ een economische unie voorstaan, impliceert maar weinig beperkingen van de Europese macht. Of het nu de Europese Commissie betreft, of zogenaamd meer democratische besluiten van de leiders van afzonderlijke lidstaten, welke grenzen kennen besluiten ‘omwille van de economie’ eigenlijk?
Als er iets geldt voor economie in onze wereld, dan is het dat zij overal mee is verweven. Zeker in deze verkiezingstijd waarin bezuinigingen de discussie domineren krijgt elk beleid een prijskaartje. Al dan niet meedoen in Afghanistan heeft gevolgen voor de economische positie van Nederland in de wereld. Uitnodigingen voor de vergaderingen van G20 zouden er zelfs van afhangen. Een uitspraak van Geert Wilders over de Koran heeft bijvoorbeeld gevolgen voor de internationale positie van Nederland, zijn handel en daarmee zijn economie. En de consequenties voor Nederland zijn in een economische unie ook consequenties voor de rest. Gegeven uitwerkingen die ver genoeg strekken heeft Europa, evenals minister Verhagen, er belang bij de mond van Wilders te snoeren. Dat gebeurt dan wel nog niet, maar er is niets inherent aan de gedachte van een economische unie dat dat uitsluit. Er kunnen wel regels worden opgesteld die de macht van Brussel en die van de lidstaten definiëren, maar het economisch welzijn is in onze tijd een boven elke menselijke of transcendente norm verheven. Zoals nu dus blijkt zien Merkel en Sarkozy het wel zitten om meer grip te krijgen op de economieën van lidstaten, en daarmee op de lidstaten in hun geheel. Geen enkele gezamenlijk opgestelde regel kan voorkomen dat het weer wordt afgebroken omwille van economische belangen.
Er zijn twee opties: of we laten toe dat onze soevereiniteit en daarmee de legitimiteit van gezag sneller of langzamer afbrokkelt en redden daarmee voorlopig de euro, of we stappen uit de eurozone. Immers, welk voordeel heb je aan deelname aan een gezamenlijk munt als het je bij onverantwoordelijk gedrag van anderen een crisis oplevert, en daarbij ook nog honderden miljarden euro’s kan kosten die misschien terugkomen?